Landen van
De Dwaler

De spelwereld van de Dwaler is enorm rijk en diep omdat deze is gebaseerd op onze eigen geschiedenis. Maar dit kan wanneer je onderzoek doet voor het schrijven van je personage erg intimiderend zijn. Waar moet je beginnen in een zee van boeken en artikelen? Om deze drempel te verlagen staan hieronder de belangrijkste regio’s van de spelwereld samengevat.

Deze lijst is niet compleet! Middeleeuws Europa is een enorm complexe lappendeken van culturele gebieden, volkeren en invloedssferen en het is onmogelijk om deze allemaal samen te vatten. Het is dus absoluut mogelijk om, gebaseerd op eigen onderzoek, uit een andere regio te komen dan degenen in deze lijst. Ook wanneer je personage wel uit een regio uit de lijst komt kan eigen onderzoek je personage verder verdiepen.

Het is niet per se nodig om deze hele pagina te lezen. Wanneer elk personage op de Dwaler alleen de basisfeiten van diens eigen land van afkomst weet zijn we er al! Mocht je enthousiast zijn om wél verder te lezen: fantastisch! Maar dit is niet noodzakelijk. Oók als je een mythologisch personage speelt is het belangrijk om te weten waar je vandaan komt. De menselijke en mythische wereld zijn in contact met- en beïnvloeden elkaar!

Baltische Landen

Een veelvoorkomende Baltische rotstekening

Aan de Oostzee liggen de landen van de Baltische stammen. Samen met de Finnen zijn de Balten de laatste volkeren van Europa die nog oude heidense wegen aanhangen. De Finnen en Balten geloven in Goden die verwant zijn aan de oude Noorse Goden, maar afwijkende namen en verhalen hebben. In de dertiende eeuw staan hun oude wegen van alle kanten onder druk. Na generaties aan conflict en invallen over en weer, hebben de Polen de gevreesde Duitse Orde uitgenodigd om de heidenen aan hun grenzen te bevechten. De Duitsers willen als deel van hun Oostkolonisatie de Baltische gebieden inlijven als Duitse landbouwgrond en tegelijkertijd het heidendom uitroeien. 

Een wanhopige strijd

De Duitse Orde brengt de modernste tactieken, fortificaties, wapens en bepantsering met zich mee en de verdeelde Baltische stammen weten maar met moeite stand te houden. De stammen aan de Oostzee en de grens van Polen zijn ten dode opgeschreven en vechten een wanhopige strijd. Alleen de Litouwers en Letten weten stand te houden. Deze dappere krijgers leven verder landinwaarts, verborgen in de wouden en hooglanden, waar ze makkelijker stand kunnen houden dan de stammen aan de Poolse grens en de kusten, die door Duitse vloten worden belaagd. 

De laatste heidenen

De Balten wonen in heuvelforten, versterkt met houten palissades, omringd door landbouwgrond. In heilige bossen en bronnen aanbidden zij oude goden die luisteren naar namen als Perkūnas en Teliavelis en maken zij offers aan geesten van het woud. In alle elementen van de natuur zien de Balten iets goddelijks: de bomen, vogels, rivieren en rotsen bezitten allemaal heilige, magische krachten. Wijze zieners werden door het volk gevraagd om voorspellingen aan de hand van de vlucht van vogels. De christenen beschreven deze zieners als een soort “heidense pausen” die gerespecteerd werden door alle stammen. 

Eervol sterven of eerloos leven?

De constante strijd op leven en dood om hun geliefde thuis maakt van de Balten een trots volk van overlevers, maar deze trots zit ze af en toe in de weg. Krijgers hebben de neiging om eer en heldenmoed boven tactiek te plaatsen en werpen zichzelf stoutmoedig de strijd in. Maar hun christelijke vijanden hebben aan deze eercultuur geen boodschap en vechten in strakke, georganiseerde linies waar de dappere krijgers zich al snel op stuklopen. De vraag waar de Baltische stammen voor staan is deze: beantwoorden zij hard met hard en leren zij van de tactieken van hun vijanden, of gaan ze nobel ten onder met eer in hun harten, zoals hun oude wegen dicteren?

Engeland

Het wapen van Engeland

Engeland kent rond het jaar 1200 roerige tijden. In 1199 stierf de geliefde maar oorlogszuchtige Richard Leeuwenhart en nam zijn broer, koning John, de troon over. John werd gehaat en misbruikte zijn macht, wat zorgde voor een grote opstand van de baronnen. In 1215 werd John gedwongen tot het tekenen van de Magna Carta: het eerste document in de geschiedenis dat stelt dat zelfs een koning niet met willekeur mag heersen en dat elke onderdaan een eerlijke berechting verdient! 

De strijd van de baronnen gaat door

In 1233, 18 jaar later, zijn de baronnen echter weer in opstand omdat bisschop Peter Des Roches, de Franse raadgever van de nieuwe koning Henry III, zijn macht misbruikt en landerijen van rivalen afpakt om ze aan zijn favorietjes te geven. Maar de Engelsen strijden niet alleen intern. Ze gedragen zich al generaties als tirannen in Wales en Ierland, waar zij de Keltische bevolking onderdrukken, en ze zijn vaak in oorlog met Frankrijk om de gebieden op het vasteland die tot voor kort behoorden aan de Engelse kroon. Voornamelijk Normandië is de grote twistappel.

Saksen en Normandiërs

De bevolking van Engeland is opgedeeld in Saksen, die Engels spreken en Normandiërs, die Frans spreken. De Saksen zijn vaak horigen van lagere afkomst, maar kunnen ook trotse, vrije landeigenaren zijn, die “yeomen” worden genoemd als ze vrije boeren zijn of “franklins” wanneer ze zelf land hebben om door yeomen te laten bewerken. De hoge adel, inclusief het koningshuis, stamt voornamelijk af van Normandiërs. De verhalen van Robin Hood en zijn bende komen uit deze tijd, omdat de Saksen zich volgens de overleveringen trots zouden verdedigen tegen Normandische heerschappij. 

Valse elfen en wijze koningen

De velden en bossen van Engeland worden niet alleen geteisterd door rovers, maar ook door elfen die je ziek maken met hun onzichtbare pijlen en grimmige spookhonden die voortekens zijn van de dood. Het land is ook in de ban van Arthurepiek. Bondgenoten van de hierboven genoemde bisschop Peter stellen zelfs dat hij tijdens het jagen een aanvaring met koning Arthur zelf had in het woud! Een teken dat zijn macht goddelijk is!

Frankrijk

Het wapen van Frankrijk

Frankrijk is de rijzende ster van Europa. Waar het gebied tot voor kort nog bestond uit een hele hoop losse invloedssferen, heeft koning Filips II de regio tot een machtig koninkrijk gesmeed. Ook heeft hij het grootste deel van de Engelse bezittingen op het vasteland ingenomen: iets wat de Engelsen hem niet in dank hebben afgenomen! Alleen Gascogne, aan de kust van Zuid-Frankrijk, is in 1233 nog Engels. 

Filips Augustus: een legendarische koning

Na de slag bij Bouvines in 1214, waar Filips de Engelsen én het Heilige Rijk heeft verslagen, kan Europa er niet meer omheen: de Fransen zijn een nieuw machtsblok. Het volk doopt hun koning om tot Filips Augustus, de Verhevene! Hij overleed in 1223. Zijn kleinzoon, de slechts negentien jaar oude Louis IX, zit in 1233 op de troon en begint langzaam zelf de touwtjes in handen te krijgen, nu het regentschap van zijn moeder ten einde komt. Deze moeder, Blanche van Castilië, vervolgde de door Filips Augustus in 1209 uitgeroepen kruistocht tegen de afvallige Katharen in Zuid-Frankrijk gretig, tot zij deze beëindigde in 1229.

Culturele aanvoerders

Meer dan alle andere koninkrijken van Europa staan de Fransen bekend om hun ridderlijkheid. De ridderlijke stand is rond het jaar 1000 in Noord-Frankrijk ontstaan. De Fransen zijn op meerdere fronten voortrekkers. De universiteit van Parijs is een van de meest befaamde academische centra in heel Christendom. Hier leren de studenten over de bewegingen van de planeten en de magische werkingen die zij op de wereld hebben. Ook in de bouwkunst zijn de Fransen befaamd. De imposante Gotische kathedralen sprongen voor het eerst uit de grond in Frankrijk. 

Dromen van ridderlijkheid 

Op het gebied van literatuur zijn de Fransen verzot op de Arthuriaanse verhalen over de ridders van de Ronde Tafel. Want hoewel Arthur een Engelse koning was, waren het de Franse hovelingen die deze ridderverhalen voor het eerst tot een populair literair genre maakten! Elke Franse ridder droomt ervan om een monster te doden of om een fee of elfenkoning tegen het lijf te lopen.

Friesland

Het wapen van de zeven Friese Zeelanden

De Friese landen strekken zich uit langs de kust van wat nu Noord-Holland tot Noord-Duitsland is. Hoewel ze officieel onder de invloedssfeer van de keizer vallen, erkennen ze de macht van de adel en de bisschoppen niet. Volgens de legendes zou Karel de Grote de Friezen het recht gegeven hebben om vrij te zijn nadat een Fries leger, onder leiding van de legendarische krijger Magnus Forteman, Rome zou hebben gered van een Saraceense aanval. De Friezen zijn verenigd in vrije gebieden die worden geleid door voorname familiehoofden die samenkomen in een raad die vergadert rondom een heilige boom genaamd de Opstalboom. De volksvertegenwoordigers van de Friese volkeren zijn de rijkste, machtigste en meest gerespecteerde mannen van hun gebied, vaak wonende in versterkte, stenen huizen met grachten genaamd “Stinsen”. 

Kruisvaarders en ketters

In 1233 zijn vooral de Oost-Friezen uit Stedingen in opspraak. Zij hebben zich vrij verklaard van alle macht van kerk en adel en zijn na de moord op de broer van de bisschop van Bremen ketters verklaard. Er is een hevige kruistocht losgebarsten tegen deze Stedingers. De Friezen die wonen in wat hedendaags de provincie Friesland is, zijn daarentegen weer fanatieke kruisvaarders die een grote rol hebben gespeeld in de Vijfde Kruistocht. De West-Friezen proberen zich op hun beurt weer los te vechten van de invloed van de graaf van Holland. Moge het duidelijk zijn: alle Frieze volkeren doen waar ze zin in hebben.

Verenigd en verdeeld

De Friezen worden verbonden door hun zucht naar vrijheid, maar ze zijn allesbehalve verenigd. Juist omdat er geen adel is om de orde te bewaken, zijn verschillende Friese dorpen constant met elkaar verwikkeld in bloedige vetes om landbezit. Hoewel de Raad van de Opstalboom gerespecteerd wordt en vaak oproept tot vrede, luisteren de Friezen vaak niet naar deze wijsheden. 

Boeren bedekt in staal en goud

De Friezen zijn trots en koppig. Met recht zouden sommigen zeggen, want zelfs de boeren in Friesland hebben genoeg geld om hun vrouwen te bedekken in een overdadige hoeveelheid gouden sieraden. Ook kunnen ze kwalitatieve wapenuitrustingen betalen. Ze noemen zichzelf Weerboeren: weerbare boeren. Deze krijgers vormen milities om vijanden van binnen en buiten Friesland te bestrijden, onder leiding van de rijkere, gerespecteerde Welgeborenen: een soort niet-adellijke ridders. De Friezen danken hun welvaart aan eeuwen aan handel langs de Europese kusten. Ook reizen ze vaak af naar Rome over een pelgrimsroute die dwars door Duitsland loopt. De Friezen zijn dus trots op hun thuis, maar allesbehalve geïsoleerd. 

Heilig Rijk (Duitsland)

Het wapen van het Heilige Rijk

Het Heilige Rijk beslaat voornamelijk de Duitse gebieden maar ook de Lage Landen en Bohemen. Het rijk wordt geregeerd door de Keizer die verkozen wordt door de invloedrijkste edelen van het Rijk: de Keurvorsten. Hoewel dit het keizerschap in theorie een verkozen positie maakt, is het in de praktijk vaak zo dat bloedbanden met vorige keizers leidend zijn bij het kiezen van de volgende. De huidige keizer, Frederik II, is een zeer omstreden individu. Hij heeft de macht gekregen door een burgeroorlog om het keizerschap te winnen tussen zijn huis, de Hohenstaufens, en dat van zijn rivaal Otto, de Welfs. Met hulp van zijn oude mentor paus Innocentius III en de Franse koning Filips Augusts, die in oorlog was met Frederiks rivaal Otto, wist Frederik uiteindelijk de troon te bestijgen. 

De controversiële keizer

Frederik staat bekend als een zeer cosmopolitaanse man die vele talen spreekt, vele exotische dieren bezit en zelfs een Islamitische lijfwacht onderhoudt omdat deze nooit zou kunnen zwichten voor pauselijke invloed. Want na de dood van Innocentius III zijn de relaties tussen de keizer en het Vaticaan enorm verzuurd. Nadat Frederik zijn belofte om op kruistocht te gaan niet nakwam werd hij geëxcommuniceerd. Hierna ging Frederik alsnog, zonder toestemming, op kruistocht en nam hij, tot woede van de paus, Jeruzalem in waar hij zijn zoon Conrad koning maakte. Hoewel de keizer in 1230 vergiffenis heeft ontvangen, blijft de relatie met de paus zeer wankel en spreken veel christenen er schande van dat Frederik Jeruzalem niet met heilige strijd heeft verkregen, maar door te onderhandelen met sultan Al-Kamil. Ook zijn het Keizerrijk en het Vaticaan al lang in conflict over invloed in de Noord-Italiaanse stadstaten. 

De Oostkolonisatie

De Duitsers staan in de dertiende eeuw bekend om hun kolonisatie van Oost-Europa. De grensgebieden tussen de landen van de Duitsers en de Slaven zijn zeer dunbevolkt maar ook wild en onontgonnen. In een proces genaamd de Ostsiedlung, of Oostkolonisatie, trekken Duitsers massaal naar het oosten om daar de bossen en vlaktes tot vruchtbare landbouwgrond te maken. Ze zijn pioniers die het onbekende intrekken in de hoop op een nieuw leven en betere kansen. Maar niet alle oosterse grond is onbewoond. Veel Slavische dorpen worden door de Duitse kolonisten hun land afgejaagd. 

Minnezang en veldgeesten

Landinwaarts staat de Duitse cultuur bekend om de liefdesliederen van de Minnezangers, die van hof naar hof trekken om liederen te zingen over Hoofse Liefde: het vaak platonisch, vol bewondering hunkeren naar een onbereikbare, vaak getrouwde vrouw. Hoewel de liefde in deze verhalen nooit wordt beantwoord, draait het uiteindelijk meer om opofferingsgezindheid en dapperheid in de naam van een vrome vrouw. Het gewone volk heeft voor deze hoofse taferelen maar weinig tijd: zij hebben hun handen vol aan het zaaien en oogsten van velden die worden geteisterd door gevaarlijke veldgeesten die je zonnesteken geven of je kinderen meenemen.

Hongarije

Het wapen van Hongarije

Hongarije kende in de dertiende eeuw veel onrust. De Hongaarse adel, die afstamt van de oude stamleiders, probeert hun autonomie te bewaren terwijl de koning Hongarije tot een sterker, centraal koninkrijk wil maken. Koning Andreas II voert vele oorlogen om zijn macht te versterken. Hij trekt onder andere ten strijde tegen de Bulgaren, Oostenrijkers en de Duitse Orde en onderhoudt gespannen verhoudingen met Servië. Omdat de Hongaarse adel weinig zin heeft om de koning bij te staan met al zijn oorlogen ver van huis, nodigt Andreas buitenlandse adel uit die hij landerijen aanbiedt in ruil voor trouw. Dit waren vooral Aragonezen (Spanjaarden) en Duitsers omdat de Hongaarse kroon bloedbanden had met deze regio’s. 

Verzet tegen buitenlandse inmenging

De Hongaarse stamhoofden voelden zich door het buitenlandse beleid van de koning zo bedreigd, dat ze de koningin, Gertrudis van Meranië, vermoordden in 1213. Gertrudis kwam uit Beieren en probeerde een sterke Duitse invloed te bewerkstelligen aan het Hongaarse hof. Na een grootschalige opstand werd Andreas II in 1222 gedwongen om het Gouden Bul te ondertekenen. Dit document lijkt op de Engelse Magna Carta en stelt dat de adel zich mocht uitspreken tegen de koning zonder van hoogverraad beschuldigd te worden en dat ze niet gedwongen kunnen worden om oorlog te voeren in het buitenland.

Smeltkroes van culturen

In Hongarije leven veel culturen naast elkaar. De inheemse Hongaarse stammen (Magyars) staan bekend als capabele boogschutters die hun pijlen lossen vanuit het zadel. Ze proberen hun oude rechten te verdedigen tegen de buitenlanders die Hongarije binnenkomen. Omdat er veel onontgonnen land, zilver en zout te vinden is in de regio, vestigden veel Duitse, Franse en Italiaanse kolonisten zich in Hongarije. Ook is er een grote Islamitische gemeenschap. Hoewel de Moslims officieel tweederangsburgers met minder rechten zijn, voeren ze belangrijke taken uit binnen het koninkrijk. Ze zijn vaak hoogopgeleid omdat ze banden onderhouden met de universiteit in Aleppo. Ze zijn voornamelijk handelaars en huurlingen die vechten in het leger van de koning en zijn, samen met de Joden, de belastinginners van de kroon. 

Cultureel conflict

Dit leidt echter tot veel onrust en de adel en paus hebben koning Andreas opgedragen om geen Moslims en Joden meer aan te stellen aan het hof. Tot nu toe heeft de koning deze oproepen genegeerd. Een andere, groeiende groep binnen Hongarije zijn de Koemanen: een heidens ruitervolk dat naar het westen aan het trekken is in hun vlucht voor de oprukkende Mongolen. Deze koemanen onderhouden een lastige relatie met de Hongaren. Ze dienen af en toe in hun legers maar verkeren ook vaak in conflict met ze.

Iberisch Schiereiland (Spanje en Portugal)

Het wapen van Castilië en León

Het Iberisch schiereiland, dat hedendaags Spanje en Portugal bevat, is in de greep van een al eeuwen durende veroveringsoorlog genaamd de Reconquista. Nadat Islamitische legers in de jaren 700 het hele schiereiland onder de voet lopen, begint er meteen een poging om het terug te roven. Vijfhonderd jaar later worden de Islamitische Almohaden in 1212 vernietigend verslagen in de slag bij Las Navas de Tolosa en raakt de Reconquista in een stroomversnelling. In 1233 hebben de Almohaden alleen nog Andalusië in het zuiden in handen, verdeeld tussen de Emiraten van Granada, Murcia en Denia. 

Hebzucht of vroomheid?

Het gebied in het noorden wordt geregeerd door de christelijke koninkrijken Portugal, Castilië en León, Navarra en Aragon. De strijd om Iberië heeft politieke en religieuze dimensies. Hoewel de christenen zeker worden gedreven door het landbezit dat bij de veroveringen komt kijken, heeft Paus Calixtus II in 1123 ook bepaald dat de strijd tegen de Moslims in Iberië spiritueel gelijkwaardig is aan de kruistocht naar Jeruzalem. Dit trekt religieuze fanatici die uit zijn op het bewijzen van hun glorie in de ogen van God. 

Moslims en christenen delen hun kennis

Het Iberisch schiereiland kent een bijzondere Islamitisch-christelijke mengcultuur. Nadat de christelijke veroveringen in een stroomversnelling raken, zorgt dit ervoor dat er plots enorme groepen Moslims en Joden onder christelijke heerschappij verkeren. Dit leidt tot een unieke situatie waarin de kennis en cultuur van deze groepen elkaar beïnvloeden. De Moslims waren op veel vlakken, zoals de medische wetenschap en wiskunde, al stukken verder dan de christenen. Het manuscript Canon der Geneeskunde van de Arabische medicus Ibn Sina, bij christenen bekend als Avicenna, werd nadat deze naar het Latijn werd vertaald een invloedrijk standaardwerk op christelijke universiteiten. 

Occulte kennis bereikt Europa 

Tijdens de Reconquista komt veel Islamitische academische kennis naar de christelijke wereld. Zo brengen de Qiyan bijvoorbeeld kennis van filosofie en de kunsten naar Europa. Deze bijzondere klasse van vrouwelijke gezelschapsdames is hoogopgeleid en heeft diepgaande kennis van literatuur, poëzie en filosofie. De christelijke veroveringen doen ze belanden aan de Europese adellijke hoven. Niet alleen medische en filosofische kennis beland in Europa, maar ook occulte, mystieke kennis van magie en alchemie. De Picatrix, een uit het Arabisch vertaald manuscript, werd een van de belangrijkste basiswerken voor astrologische magie: het inzetten van de magische macht van planeten en sterren via rituelen en talismannen. 

Ierland

Het wapen van Ierland

Ierland staat in brand. Waar de Engelsen voorheen alleen plundertochten uitvoerden, besluiten ze in de jaren 1200 om zich permanent te vestigen. Tussen de simpele houten langhuizen en ringforten van de Ieren worden kastelen en steden met stenen muren opgetrokken. De Engelsen heersen over de gehele oostkust, waar ze het land zeer effectief ontginnen en vruchtbaar maken. Maar de lokale Ierse bevolking heeft weinig profijt van deze verbeteringen. Alle rijkdom verlaat het eiland via de havensteden die in Engelse handen zijn. De Engelsen ontbossen de gebieden van de Ierse clans, met grote schade aan de natuur en landbouwgrond als gevolg. 

Buigen of opstaan?

Deze nijpende toestand zorgt ervoor dat sommige Ierse clanleiders buigen voor de Engelse heerschappij en opgenomen worden in het leenstelsel. Veel clans blijven echter opstandig en vechten vanuit de heuvels en bossen een guerrillastrijd. De Ierse clans lijken op de Schotse maar verschillen op veel manieren ook van ze. Zo is het land van een Ierse clan het bezit van de hele clan, niet alleen van de clanleider. Ook worden de clanleiders in Ierland verkozen vanuit de familie van de huidige leider in plaats van dat de oudste zoon automatisch leider wordt. Het grootste verschil is dat de Ierse clans niet onder een koning staan. Clanleiders opereren als kleine, lokale koningen. Dit zorgt voor een versplinterd politiek landschap dat met grote moeite weerstand weet te bieden aan de sterke, verenigde Engelsen.

Oude vormen van recht en handel

De Ieren zijn een volk van kleine nederzettingen en houten forten sinds de prominente handelssteden, zoals Dublin, zijn ingenomen door de Normandiërs. Ze handelen met vee in plaats van muntgeld. Wanneer Ierse individuen of clans met elkaar in conflict raken, treden rechters genaamd Brehons op als bemiddelaars die bepalen hoeveel koeien betaald moeten worden als genoegdoening. 

De Barden en hun oude legendes

Hoewel ze nederige beroepen uitvoeren, hebben de Ieren een grote voorliefde voor oude legendes en verhalen over oude Keltische helden en Goden. Dit delen ze met de Schotten. Deze verhalen worden verteld, gezongen en bewaard door de barden die tegelijkertijd poëten, historici en rechtsgeleerden zijn. Barden komen vaak uit beroemde bardenfamilies die hun kennis doorgeven van vader op zoon, zoals de familie Ó Dálaigh die zich begeven onder de Ieren en de Schotten, waarmee de Ieren een taal en cultuur delen. Hoewel de Ieren sinds de kerstening door Sint Patrick in de jaren 400 al christelijk zijn, zijn ze nog diep verbonden met de oude Keltische geloven. Ze offeren bijvoorbeeld nog altijd aan de Sidh, geesten of feeën die in grafheuvels wonen, in de hoop ze tevreden te stellen in ruil voor goed geluk.

Italiaanse stadstaten

De wapens van de Welfen & de Ghibellijnen

In de dertiende eeuw is Noord-Italië de meest verstedelijkte regio van heel Europa, nauw gevolgd door de Lage Landen. De Italiaanse steden hebben zich in de dertiende eeuw grotendeels onafhankelijk weten te maken van adellijke overheersers en opereren als stadstaten. Deze steden zijn republieken, geregeerd door raden van verkozen bestuurders. Hoewel dit vrij vooruitstrevend lijkt in een wereld vol koningen, komen alleen de rijkste handelaars en edelen, die vaak uit dezelfde families komen, in aanmerking om deel te nemen aan het stadsbestuur. 

Factiestrijd

De stadstaten zijn constant met elkaar in conflict en worden vaak gesteund door de Keizer óf de Paus die via de stadstaten hun eigen territoriale rivaliteit uitvechten. Deze facties staan bekend als de Ghibellijnen (een wit kruis op een rood veld), die de Keizer steunen tegen de pauselijke invloed, en de Welfen (een rood kruis op een wit veld), die de paus steunen in zijn pogingen om Noord-Italië te regeren in naam van de kerk. De macht van de stadstaten, vooral Venetië, Genua en Pisa, is gebaseerd op hun uit de handel vergaarde rijkdom en hun vloten, wat ze een belangrijke invloedssfeer maakt voor de paus en keizer. Tijdens de kruistochten waren deze zaken zo onmisbaar dat de stadstaten handelsprivileges hebben afgedwongen in de steden van het Heilige Land, wat ze de perfecte toegang geeft tot de Zijderoute die peperdure stoffen aanvoert vanuit Azië. Dit verhoogt hun rijkdom en daarmee hun macht weer enorm.

Burgers en huurlingen

Net als in de steden van de Lage Landen ontstaat er door de rijkdom van de handelssteden een rijke klasse van geletterde burgers en regenten die rijk zijn als edelen maar niet van adellijke komaf zijn. Omdat de steden geen grote hoeveelheid leenmannen en boeren hebben om op te trommelen voor militaire dienst, ontstaan er compagnies huurlingen die hun krijgskunst verkopen. Vaak waren dit geen Italianen maar kwamen ze uit het buitenland, zoals Brabant en Aragon, waar veel beruchte huurlingen hun oorsprong vinden. Deze huurlingen staan erom bekend dat ze enerzijds erg professioneel en capabel zijn, maar zich anderzijds zeer moordlustig en immoreel gedragen. 

Florerende educatie en handel

Maar wanneer de stadstaten elkaar niet de haren in vliegen, zijn ze florerende centra van ontwikkeling. De Italiaanse universiteiten zijn de voornaamste centra voor rechtsgeleerdheid in Europa en kennis uit de hele bekende wereld vindt zijn weg naar steden als Venetië. In de straten van Venetië klinkt het Latijn, Grieks, Arabisch en Hebreeuws. Ook de Joodse gemeenschap speelt een belangrijke rol in de uitbreiding van de handel door te werken als geldleners. Ook doen ze het goed als handelaren omdat ze door het Hebreeuws kunnen communiceren met alle andere Joodse handelaren, waar in de wereld ze deze ook aantreffen.

Kievse Rijk

Het wapen van de grootvorst van Kiev

Het Kievse rijk is gevestigd rondom de grote stad Kiev. De inwoners van het rijk staan bekend als de Roes en zijn van een gemengde Scandinavisch-Slavische afkomst. Het rijk is een verzameling van prinsdommen, waarvan er door erfdeling door de eeuwen heen een groot aantal zijn. Dit zorgt voor veel intern conflict. Hoewel de Grootvorst van Kiev, Vladimir IV, officieel boven de prinsen staat, weet hij geen centrale orde te handhaven en zijn de individuele prinsdommen zeer onafhankelijk. Interne conflicten hebben het rijk enorm verzwakt. Ook economisch gezien bevinden de Roes zich in zwaar vaarwater. 

Het verval van een ooit machtig handelsrijk

De rijkdom van Roes is eeuwenlang afhankelijk geweest van hun tactische positie op een van de belangrijkste handelsroutes van Europa: de graanroute van de Zwarte Zee naar de Oostzee. Maar na de val van Constantinopel aan de handen van kruisvaarders in 1204 stort deze route in. Ook de Baltische landen staan in vuur en vlam door de kruistocht van de Duitse Orde tegen de laatste heidense stammen in Litouwen. Tot overmaat van ramp worden de landen van de Roes steeds vaker geteisterd door binnenvallers uit het oosten, zoals de Koemanen: een heidens ruitervolk. Maar de geruchten over het volk waar deze ruiters voor op de vlucht zijn geslagen, voorspellen dat er een nog veel groter onheil dreigt. De Mongoolse hordes naderen en als de Roes zich niet verenigen, zal het rijk vallen.

Culturele banden met Constantinopel

De Roes zijn orthodoxe christenen. Hun kerstening kwam namelijk niet vanuit West-Europa maar vanuit Constantinopel. Ze onderhouden complexe culturele banden met deze stad, want hoewel ze op het gebied van architectuur en kunst veel van de grote stad hebben geleerd, lijken ze weinig interesse te hebben in de oude Griekse academische kennis die in de bibliotheken van Constantinopel ligt. De Roes zijn een volk van handelaren en krijgers die weinig achtergrond hebben in de academische wereld en de hoogdravende, verfijnde cultuur van Constantinopel kan hierdoor niet bij ze landen. 

Twee religieuze werelden

Het rijk ligt aan de periferie van Europa, wat hun cultuur uniek maakt. Bij de Roes was van oorsprong het orthodox christendom voornamelijk de religie van de elite terwijl de oude Slavische heidense Goden werden aanbeden door de lagere stand. Christendom was als het ware hofetiquette. Maar door de eeuwen heen is de christelijke invloed sterker zichtbaar geworden. De elite laat het oude heidense erfgoed steeds vaker los en de meeste leden van de lage stand combineren de oude en nieuwe wegen. Maar ook bij de adel blijft het geloof in magie en occultisme diepgeworteld. Zo wordt nog altijd de wijsheid van zieners gezocht en zou de twaalfde-eeuwse Grootvorst Vseslav een ziener en zelfs een weerwolf zijn. Hij staat bekend als Vseslav de Bezweerder.

Lage Landen (Nederland en België)

Het wapen van Holland

De Lage Landen, onderdeel van het Heilige Rijk, zijn een van de rijkste handelsregio’s van de dertiende eeuw. De steden van Vlaanderen, zoals Brugge en Gent, zijn belangrijke handelscentra waar goederen uit Engeland, Schotland, de Duitse Hanzesteden en het bredere Europese achterland op de markten te vinden zijn. De adel van onder anderen Vlaanderen, Brabant, Gelre, Kleef en Holland zijn constant met elkaar verwikkeld in lastige spinnenwebben van intrige: het ene moment bondgenoten dankzij huwelijksallianties, het volgende moment rivalen. Een van de grootste machthebbers is de Prins-bisschop van Utrecht. Hij regeert de landen rondom Utrecht en is de eigenaar van de stad Groningen en het Oversticht: het gebied tussen de IJssel en de Friese landen in het noorden. 

De slag bij Ane en de Drentse Kruistochten

De Drenten willen echter niks weten van de overheersing van de Prins-bisschop en hebben zich een volk van vrije boerengemeenschappen verklaard. De graaf van Coevorden, Rudolf II, die eigenlijk de orde in Drenthe hoort te bewaren voor de Prins-bisschop, steunde de opstand om zelf ook los te breken van Utrecht. In 1227 voerde Prins-bisschop Otto van Lippe een leger aan richting Drenthe, bestaande uit ridders uit onder andere Utrecht, Gelre, Holland en Kleef. Dit leger wordt bij het Drentse dorpje Ane in de pan gehakt door de graaf van Coevorden en een leger van Drentse boeren mannen en vrouwen. De bisschop komt hierbij om. Deze nederlaag was voor de adel van de Lage Landen een regelrechte ramp en de onrust die hierdoor is ontstaan is nog altijd niet ten einde. De Graaf van Coevorden is in 1230 naar kasteel Hardenberg gelokt met de list dat er vrede besproken zou worden en is daar vermoord en de Drenten zijn daarna bij Peize verslagen. Maar de macht over Drenthe lijkt voor altijd gebroken te zijn. Er is na de Slag bij Ane te weinig Utrechtse invloed in Drenthe over om de vrije boeren onder de duim te houden.

Burgers en huurlingen

De inwoners van de Lage Landen zijn erg gevarieerd. Vanwege de florerende handel in de steden zien we hier, net als in Noord-Italië, een klasse rijke burgers opstaan die hun macht halen uit hun inkomsten in plaats van hun afkomst. Vooral lakenhandelaars die handelen in wollen stoffen vinden een lucratieve markt in Vlaanderen. Dit heeft vervolgens weer gezorgd voor de opkomst van compagnieën huurlingen die maar wat graag vechten voor deze rijke stedelingen in ruil voor zilver. Deze huurlingen zijn een doorn in het oog van de ridderlijke stand, die hun bestaansrecht als “zij die vechten” aan het verliezen zijn aan laaggeboren soldaten. Buiten de steden om bestaat er een meer traditionele feodale cultuur van leenheren en leenmannen die alleen doorbroken wordt door de koppige, opstandige Drenten en Friezen. 

Veenmoerassen en heidevlaktes

Hoewel de Lage Landen, samen met Noord-Italië, het snelst verstedelijkende gebied van Europa is, zijn de landen tussen de steden nog altijd wild en vaak onontgonnen. Op de uitgestrekte heidevlaktes huizen rovers, verradelijke witte wieven en wolven, terwijl de moerassen en wilde, verraderlijke kustlijnen worden geteisterd door nekkers en andere watergeesten die onoplettende lieden de diepte insleuren. In deze zompige wildernis begint de kloosterorde der Cisterciënzers dijken en polders te bouwen en vestigen zij een klooster op Schiermonnikoog. Ook staat er de in Europa unieke orde der Begijnen op in de Lage Landen: deze religieuze vrouwen wijden hun leven aan gebed en liefdadigheid maar zweren geen officiële religieuze eden en kunnen wanneer zij dat wensen het kloosterleven verlaten.

Palestina (Heilige Land)

Het wapen van het kruisvaarderskoninkrijk Jeruzalem

De regio Palestina beslaat de gebieden in het Midden-Oosten tussen de Middellandse Zee en de rivier de Jordaan. Hoewel Palestina de gangbare naam van dit gebied is in de middeleeuwen, refereren christenen ook vaak naar “Het Heilige Land”. Vooral Bethlehem, waar Jezus geboren werd, en Jeruzalem, waar hij stierf, zijn belangrijke heiligdommen. Maar natuurlijk niet alleen voor de christenen, want ook de Joden en Moslims beschouwen deze landen als heilig. Al sinds de jaren 1090 voeren de christenen brute kruistochten om de heerschappij over het gebied te verkrijgen. 

Zielenheil en zijde

Hoewel religieus fanatisme een grote drijfveer voor de kruistochten is, zijn er ook politieke en economische drijfveren. Zo zijn de kruistochten ook een reactie op eeuwen aan islamitische aanvallen op Europa vanuit het Midden-Oosten en Afrika. Maar ook rijkdom speelt een rol. De Italiaanse stadstaten, voornamelijk Venetië, willen maar wat graag via Palestina toegang krijgen tot de Zijderoute die peperdure textielen aanvoeren vanuit Azië. Het eerste Koninkrijk van Jeruzalem, gevestigd na de eerste kruistocht in 1099, is in 1187 gevallen toen de legendarische Salah ad-Din (Saladin) Jeruzalem terugnam. Recent, in 1229, heeft de Duitse Keizer Frederik II de stad weer in handen gekregen. Hij heeft zijn zoon, Conrad, tot Koning van Jeruzalem gekroond. 

De smeltkroes van Oost en West

Palestina is enorm multicultureel. Moderne interpretaties van de tijd van de kruistochten zetten het gebied vaak neer als een Islamitische regio onder de laars van christelijke kolonisten. Hoewel schrijnend religieus geweld absoluut veel voorkomt, is de werkelijkheid complexer en interessanter. joden, moslims en christenen leven gespannen samen, soms als vrienden, soms als vijanden. Er vindt veel culturele uitwisseling plaats en veel Europeanen die al generaties in Palestina wonen leren Arabisch, nemen een Midden-Oosters dieet aan en gaan zichzelf zien als bijvoorbeeld Franse of Duitse Palestijnen. Ze trouwen ook vaak met Christenen van Arabische afkomst of bekeerde Moslims. Veel christenen, die al generaties in Palestina wonen, verschillen qua cultuur en uiterlijk dus enorm van de Europese kruisvaarders die vers uit het westen komen. 

Christenen tegen christenen

Ook zijn de conflicten binnen het Heilige Land vaak veel complexer dan “christen tegen Moslim”. In 1233 heerst er bijvoorbeeld een burgeroorlog tussen christenen: enerzijds de aanhangers van de Duitse Keizer en anderzijds de adel van Jeruzalem, onder leiding van de Ibelins, die de Keizer en zijn zoon niet als legitieme heersers erkennen. In dit conflict, de Lombarden Oorlog, kiezen de Duitse Orde en de Hospitaalridders de kant van de Keizer, terwijl de Tempeliers aan de kant van de opstandelingen staan.

Polen

Het wapen van het hertogdom Silezië

Nadat koning Boleslaw Scheefmond in de twaalfde eeuw het koninkrijk Polen verdeelde onder zijn vier zoons, stortte het domein ineen. De zoons bleken niet in staat om samen te regeren en bestrijden elkaar in een poging om het koninkrijk Polen weer te verenigen. In de dertiende eeuw is er geen Poolse koning meer, maar zijn er enkel hertogdommen die elkaar bevechten om de heerschappij over Polen. Door deze versplintering van de macht kunnen kloosters, kleinere lokale landbezitters en roofridders hun eigen pad trekken zonder veel weerstand te ervaren. Het land verkeert in een totale staat van anarchie en de lagere stand lijdt stevig onder plunderingen en moordpartijen. 

Dreigingen van binnen en buiten

De instabiliteit zorgt voor het afkalven van de Poolse gebieden. Vanwege het onvermogen van de Poolse hertogen om de orde te herstellen, breken verscheidene regio’s hun banden met de adel om zich aan te sluiten bij andere heerlijkheden. Achter-Pommeren breekt zich bijvoorbeeld los en sluit zich aan bij het markgraafschap Brandenburg. In het Oosten vallen heidense Pruisische en Litouwse heidenen de Poolse gebieden binnen, gebruikmakend van de politieke instabiliteit. Omdat de Polen zelf niet in staat zijn om zich te verdedigen, nodigen ze de Duitse Orde uit om zich te vestigen in Pruissen. Hier stichten zij een kruisvaardersstaat om vanuit daar de Baltische heidense stammen te bevechten.

Het verdwijnen van de oude Goden

Tussen de hoog oplaaiende oorlogsvlammen en de duistere geesten en monsters die het geweld aantrekt, grijpt de bevolking naar alle hoop die ze kunnen vinden. Soms zijn dit de heiligen, soms zijn dit de oude goden. Hoewel Polen officieel al eeuwen christelijk is, bestaat er nog veel heidens volksgeloof bij de lagere standen. Pas met de opkomst van grote Poolse kloosters in de twaalfde en dertiende eeuw begint de kerstening van de Polen vaart te krijgen. Veel Polen geloven in God en de heiligen maar ook nog in oude Slavische goden zoals Svarog: de god van de zon, licht en de smederij. Verder naar het oosten en in de diepste wouden vind je wellicht zelfs nog zij die voornamelijk de oude wegen aanhangen en weinig boodschap hebben aan het nieuwe geloof. 

De Duitsers op de drempel

In het westen van Polen ontstaat er steeds meer contact en culturele uitwisseling met Duitsers die als deel van de Ostsiedlung, ook wel Oostkolonisatie, naar het oosten trekken om daar op zoek te gaan naar landbouwgrond om zich te vestigen. Soms worden zij uitgenodigd door de Poolse adel in de hoop dat ze economische groei met zich meebrengen, maar ze brengen ook cultureel conflict omdat ze vaak Duitse communes vestigen direct naast de Polen.

Romeinse Rijk (Byzantijnen)

Het wapen van het Romeinse Rijk

Ondanks de plundering van Rome in 410, blijft het Oost-Romeinse Rijk vanuit Constantinopel al meer dan achthonderd jaar voortbestaan. Trots blijven ze zichzelf het Romeinse Rijk noemen, hoewel de rest van de wereld ze vooral het Griekse Rijk noemt. Echter is Constantinopel recent ook gevallen: in 1204 is de eeuwige stad geplunderd en overgenomen door hun katholieke bondgenoten. De kruisvaarders zagen de rijke stad als een winstgevend doelwit toen de Romeinen verzwakt waren door invallen van de Bulgaren en de Turken. 

Drie keizers

Het Rijk is versplinterd geraakt in drie rijken die allemaal beweren dat hun heerser de ware keizer is. Slechts één van deze rijken kan zichzelf nog machtig noemen. Het instabiele Trebizonde regeert rond de Zwarte Zee met hulp uit Georgië, terwijl het ambitieuze Thessalonika in 1230 is onderworpen door het Bulgaarse Rijk. Maar in Nicaea begint de sluimerende Griekse macht weer op te staan: Keizer Johannes III heeft de meeste Latijnse landen weer van de kruisvaarders afgepakt en maakt zich nu gereed om Constantinopel terug te nemen. Maar met de aanhoudende dreiging vanuit de Bulgaren en de Turken is slechts één ding zeker: rust zal voorlopig niet wederkeren in het Oost-Romeinse Rijk.

Een kruispunt van werelden

Wanneer er wordt gesproken over de Romeinse of Griekse politiek of cultuur, wordt er eigenlijk altijd gesproken over de cultuur van de stad Constantinopel. Dit metropool is het meest exotische kruispunt van christendom met de rest van de wereld. Reizigers, handelaars en krijgers uit alle hoeken van de wereld zijn hier te vinden. Van keizerlijke lijfwachten uit Engeland tot mystici uit het verre rijk van Pape Jan; als eindpunt van de zijderoute was deze stad ongeëvenaard divers. Helaas is de stad sinds de overname door de Latijnse kruisvaarders sterk in verval. De rijkdom van de stad is geplunderd door louche Vlamingen en hebzuchtige Venetianen, en de Italianen voeren de handel op Azië nu rechtstreeks met de Arabieren zonder Griekse tussenpersonen. 

Vergane glorie

Het Oost Romeinse Rijk is een plek waar meer dan duizend jaar aan ongehoorde glorie met een noodgang aan het vergaan is. Griekse alchemisten, Turkse ruiters, katholieke plunderaars en talloze anderen strijden om kruimels van rijkdom temidden van de afbladderende marmeren zuilen van een rijk dat ooit de hele bekende wereld overspande. Uit deze streek komen mensen die hebben gekend of gehoord hoe de wereld kan zijn op zijn best, maar niet meer weten waar het te vinden. Sommigen vechten, anderen vluchten, maar zelden geven ze het op.

Scandinavië

Het wapen van Noorwegen

In de dertiende eeuw worden Zweden en Noorwegen heuse koninkrijken en komt de tijd van stammen ten einde. De Noorse koning Haakon IV heeft na meer dan een eeuw aan burgeroorlog eindelijk een stevige machtsbasis gecreëerd. Zijn verhaal is legendarisch. Sinds de twaalfde eeuw vochten twee partijen om de macht in Noorwegen. De Birkenbeiners, bestaande uit de boeren, en de Bagli’s, die de kerk en hoge adel representeerden. Toen in 1205 ontdekt werd dat de baby Haakon een bastaard was van de gestorven koningskandidaat van de Birkenbeiners, wilden de Bagli’s de zuigeling doden. Maar twee trouwe krijgers genaamd Torstein en Kjervald brachten de baby op ski’s door een winterstorm veilig naar zijn bondgenoten. Haakon is opgegroeid tot de onbetwiste koning van Noorwegen. 

Ambitieuze noorderlingen

Haakon is christen maar heeft een hekel aan pauselijke inmenging vanuit Rome. Liever wil hij zelf boven een Noorse kerk staan. In 1233 regeert hij Noorwegen en de eilanden van Schotland. Ook stookt hij oorlogen tussen IJslandse familieclans op in de hoop daar in de toekomst de macht te grijpen. In Zweden heerst nog altijd een soortgelijke factiestrijd tussen koningskandidaten Erik en Knut. Ondertussen voeren de Zweden plundertochten en zelfs kruistochten uit in Finland om daar de macht van de heidense Finse stammen te breken en bevechten ze de Orthodoxe Republiek Novgorod om controle over de golf van Finland te krijgen.

Engelen en trollen

Hoewel de heidense tijden al lang voorbij zijn, wordt het Scandinavisch gebied nog altijd gekenmerkt door oude geloven. Völva’s doen voorspellingen, reizigers vrezen de trollen met hun boze magie en mensen laten offers achter voor de wijze elfen in de hoop dat ze hen goedgezind zullen zijn. Op IJsland wordt rond 1220 de Edda geschreven: hét manuscript waarin de verhalen van de oude Goden bewaard zijn gebleven tot de dag van vandaag. Hoewel deze oude verhalen nog zeer levendig zijn, worden zij binnen een christelijk wereldbeeld geplaatst. Alleen de Finnen geloven nog in Heidense Goden die verwant zijn aan de Noorse, maar andere namen dragen en afwijkende verhalen hebben. 

Vrije volkeren in het nauw

De Finse heidense traditie staat onder druk door de Zweedse invallen en veel Finnen hebben een gemengd christelijk-heidens geloof. De oude, vrije stammencultuur van heel Scandinavië is stervende, zowel in het heidense Finland als de christelijke gebieden. Alleen in Finland, IJsland en in het dunbevolkte achterland van Zweden en Noorwegen zijn er nog vrije communes die geleid worden door gerespecteerde oudsten die samenkomen in een raad die bekendstaat als het Ding of Alding. Maar deze communes worden steeds verder in het nauw gedreven door koningen die ze willen toevoegen aan hun domeinen. De communes hanteren vaak geen economie die op geld is gebaseerd, maar gaan op eer gebaseerde uitwisselingsverdragen aan. Veel IJslanders vinden betalen met geld zelfs een belediging!

Schotland

Het wapen van Schotland

Ten noorden van de oude Romeinse muur van Hadrianus ligt het koninkrijk Alba, bij ons bekend als Schotland. In de dertiende eeuw zien we de opkomst van een bestuursstructuur die tot op de dag van vandaag legendarisch zal blijven: het systeem van Schotse clans. In de jaren 1200 begint de relatie met de Noren, die de Schotse eilanden regeren, te verzuren en dreigt er oorlog. Ook breekt er in het noorden een grote opstand uit wanneer de familie MacWilliams beweert dat hun aanspraak op de Schotse troon legitiemer is dan die van het regerende huis Canmore. 

Het ontstaan van de Clans

De MacWilliams worden rond 1215 verslagen door de huidige koning, Alexander II, maar de onrust en chaos in combinatie met angst voor de Noren creëert ruimte voor Schotse krijgsheren om de bevolking aan zich te binden door bescherming te bieden in ruil voor trouw en belasting. De Schotse kroon probeert deze clans via allianties tot leenmannen te maken, maar er is nog vaak conflict met de traditionele Schotse adel van de Laaglanden. In 1233 is er een ongemakkelijke vrede met rivaal Engeland, maar steunen zwaar gepantserde huurlingen van Schots-Noorse afkomst, de Gallowglass, wel de Ierse clans in hun oorlog tegen de Engelsen.

Boeren, vissers en krijgers

De Schotten zijn een simpel, boers en arm volk van krijgers, herders, vissers en jagers. Hoewel de kilt nog niet bestaat, kleden ze zich al wel in mantels en tunieken van dikke geruite stof. Ze handelen in ruwe materialen als wol, vis en huiden, vooral met de Lage Landen waar altijd wol nodig is voor de lakenhandel. Hoewel ze nederige beroepen uitvoeren, hebben de Schotten een grote voorliefde voor oude legendes en verhalen over oude Keltische krijgshelden. Dit delen ze met de Ieren. Deze verhalen worden verteld, gezongen en bewaard door de barden die tegelijkertijd poëten, historici en rechtsgeleerden zijn. Barden komen vaak uit beroemde bardenfamilies die hun kennis doorgeven van vader op zoon, zoals de familie Ó Dálaigh die zich begeeft onder de Schotten en de Ieren, waarmee de Schotten een taal en cultuur delen. 

Een land van oude geesten

Schotse clans beweren vaak dat ze afstammen van oude Keltische halfgoden. Zo beweert clan MacDonald af te stammen van de legendarische held Cú Chulainn, de zoon van de keltische god Lugh. Niet alleen de barden, maar ook het wilde, Schotse landschap inspireert een breed scala aan verhalen. Zo weet elke schot dat je ver weg moet blijven van de rotsen waar de woeste zee tegenaan beukt, tenminste: als je niet meegenomen wil worden door de kelpies. Ook is het belangrijk om de feeën die bekendstaan als de Sith, die wonen in oude grafheuvels, tevreden te stellen door offers achter te laten: een geloof dat gedeeld wordt met de Ieren en zelfs in christelijke tijden nog wordt uitgevoerd.

Terug naar boven